1872

Nationale Voorleesdagen 2021

Van 20 t/m 30 januari 2021 vinden de Nationale Voorleesdagen plaats. Helaas kunnen activiteiten geen fysieke doorgang vinden, maar uiteraard inspireren en motiveren we jullie graag om thuis voor te lezen, in het bijzonder tijdens de Nationale Voorleesdagen.

  

Alles over hét Prentenboek van het jaar

Voorleestips

Elke dag van de Nationale Voorleesdagen een voorleestip. Je kunt het!

  1. Lees het boek eerst zelf voordat je het gaat voorlezen. Zo ontdek je moeilijke woorden, weet je of het bij je kind past én weet je waar je met welke emotie kan lezen.
  2. Lees bij voorkeur voor in je eigen moedertaal. Je spreekt de taal vloeiend en moeiteloos en kunt makkelijker de emoties van het verhaal overbrengen op je kind. Bijvoorbeeld wanneer je een boze of en blije stem gebruikt. Je kind leert veel woorden in jullie eigen taal.
  3. Lees de titel van het boek, bekijk de kaft en praat er samen over. Dit maakt nieuwsgierig naar het verhaal en je kunt samen bedenken waar het boek over gaat.
  4. Laat je kind vertellen. Geef je kind de gelegenheid om tussendoor iets te zeggen. Vanuit deze interpretatie en eventueel eigen ervaring(en) kun je in gesprek met elkaar en blijft je kind betrokken. Laat je kind het verhaal ook eens navertellen na afloop. Dit helpt het verhaal beter te begrijpen.
  5. Herhalen! Kinderen vinden dit vaak erg leuk. De eerste keer zijn ze geboeid, de tweede keer is het een feest der herkenning en de volgende keren krijgen ze oog voor detail en ontdekken ze steeds weer iets nieuws in de plaatjes. Om het voor jezelf ook leuk te houden kun je het na afloop steeds over iets anders hebben. Het thema, de personages, eigen ervaringen met het onderwerp etc.
  6. Stel vragen over het verhaal. Door vragen te beantwoorden of dingen aan te wijzen gaat je kind nadenken over het verhaal en leert zelf erg veel.
  7. Kinderen leren door te spelen. Speel het verhaal bijvoorbeeld na, hierdoor wordt het verhaal en de taal verwerkt.
  8. Geef je kind de ruimte om te reageren. Las af en toe een korte pauze in en kijk je kind aan. Ga in op reacties of stel zelf vragen over het verhaal.
  9. Lees niet te lang. Hoe ouder je kind, hoe langer je kunt voorlezen. Maar het geeft niet als je kind tussendoor afhaakt en iets anders wil gaan doen. Ga op een later moment weer even zitten en lees verder. Hoe vaker je voorleest, hoe langer je dit kunt volhouden.
  10. Praat over wat je ziet op de tekeningen in het boek. Wat gebeurt er? Wat denk jij dat er op de volgende bladzijde gebeurt? Ieder antwoord is goed.
  11. Laat jouw plezier zien! Praat vol enthousiasme over het boek wat je samen leest, lees zelf boeken in het bijzijn van je kind en ga samen naar de bibliotheek of (kinder)boekhandel. Zo stimuleer je het enthousiasme voor lezen.

To-dotips

Ga nog een stapje verder en ga na afloop van Coco kan het! samen aan de slag met deze to-dotips. Veel plezier!

  1. Crea Bea
    Kun jij een vogel verven, tekenen of knutselen? Bekijk een aantal knutseltips op www.loesriphagen.nl
  2. Insectenspeurtocht
    Lees of het bekijk het verhaal nog een keer en ga op zoek naar de insecten in de tekeningen. Tel ze en ontdek welke insecten je allemaal ziet.
  3. In de natuur
    Ga samen naar buiten en ontdek en zoek de vogels, insecten en andere beestjes. Kijk maar goed. Wat doen ze? Zijn ze bang, blij, boos of verdrietig? Klets er samen over.
  4. Mooi nest
    Kun jij een fijne plek maken voor Coco? Maak een nestje van bijvoorbeeld wc papier, kussens, stro, gras of andere materialen uit de natuur. Vind je het zelf ook een fijne plek om te zijn?
  5. Coco-opdrachten
    Vandaag is het tijd om te kijken wat jullie al durven. Ga naar buiten en geef elkaar stoere Coco-opdrachten. Kun je bijvoorbeeld op één been staan? Rennen tot de eerste lantaarnpaal? Of over een boomstam springen? Leuk om samen met je kind te doen. Doe vooral zelf mee!
  6. Hulp vragen
    Coco durft te vliegen, maar haar mama heeft geholpen. Is er iets wat jij spannend vindt maar wat je wel met hulp wilt proberen? Vraag het elkaar en help elkaar!
  7. Trots als een pauw
    Vlieg samen met een vriendje net als Coco. Snel en traag, hoog en laag. Trippelen naar je nest. Fladderen met je vleugels. Fluisteren als mama en gillen al Coco. Kun jij trots vliegen, bang kijken, verdrietig kijken en blij doen? Laat maar zien! Probeer de hele dag trots te lopen en help je kind eraan herinneren hoe je trots praat, kijkt, doet, staat en loopt.
  8. Vormen
    Coco vliegt allerlei vormen in de lucht. Welke vormen ken jij? Teken, kleur of klei ze of laat ze op een andere manier zien, bijvoorbeeld met scheerschuim.
  9. Vliegplezier
    Ga tegen over elkaar zitten (het liefst in kleermakerszit). Maak nu met 2 handen vleugels (zie plaatje). Laat elkaar zien wat je allemaal kan doen met vleugels. Vliegen van de ene naar de andere knie. Hoe beter het gaat hoe hoger je kunt gaan. Van je knie naar je oor en van je schouder naar je grote teen. Probeer het ook eens op deze muziek. Veel vliegplezier!
  10. Theatervoorstelling
    Maak samen een Coco-voorstelling. Gebruik alle dansjes, knutselwerkjes, geluiden en liedjes. Film het resultaat voor opa, oma, buren etc.

Andere mediatips binnen het thema 'dapper zijn'

Boeken:

  • Gewoon zoals je bent – Jonny Lambert (peuters)
  • Kikker is kikker – Max Velthuijs (oudste peuter/kleuter)
  • De koe die in een boom klom – Gemma Merino (kleuters)
  • De leeuw in de muis – Rachel Bright (oudste kleuters)

Filmpje:
Koekeloere: ik kan alles!
 
Liedje:
Ik durf alles uit Koekeloere